top of page

Hoe je ongenadig achter de betekenis van het woordje "missen" komt......

Anne-Marie
9 okt
3 minuten om te lezen

Bijgewerkt op: 10 okt


Een jaar van rouw....

Vandaag is het een jaar geleden. En ik mis je eigenlijk nog net zo hard als een jaar geleden.

Toen vulde de pijn iets van binnen wat ik bijna niet kon bevatten. Een pijn die ervoor zorgde dat ik een groot lawaai om mezelf heen creëerde en mijn agenda volgde om maar door te kunnen. Bij mij werkt dat. Bij mij werkt het om me op het volgende werk te storten, of op iets anders. Zo overleefde ik ook dit jaar. Het was best wel een rotjaar. Een rottig jaar. Ik regelde het. Ik deed het. Ik ging door. En heb ook echt wel gelachen. Natuurlijk.....


Maar god, mam, ik mis je.

Ik mis je (soms belerende) opmerkingen. Je kon ook drammen..... Zoals: ‘Kun je nou niet eens een keer langskomen?’ Terwijl ik net geweest was.

Ik mis je tips over mijn kinderen, over mijn opvoeding, over mijn pondjes te veel en over mijn haag in de tuin, die toch echt twintig centimeter korter moest. En dan niet één keer hè. Nee, dat kon je zeggen, iedere keer als ik je zag.


Ik mis je invullingen. Woest werd ik soms ervan.

En tóch mis ik die ook. En natuurlijk je enorme hartelijkheid. Je verhalen, je enorme fantasie waar ik ook zo om kon lachen. Je eeuwige kleine attenties die je meenam als je langskwam.

Ik mis die plek waar ik altijd kon binnenlopen en waar iemand zei: ‘Oh An! Wat leuk dat je er bent’.  Die plek waar ik in ieder geval mijn verhaal kwijt kon. Waarna jij natuurlijk weer een heleboel tips ging geven, waar ik niet altijd op zat te wachten.


Maar ik zou je dan nog wel kunnen vertellen dat mijn dochter op zevenduizend kilometer afstand ruim een halfjaar stage loopt. Dat dat superleuk is voor haar, maar soms ook super moeilijk. Wat je kleinzoon allemaal uitspookt en welke mooie zakelijke opdrachten ik heb gedaan. Je was in alles geinteresseerd. Ik mis het om een beetje met je te roddelen. Over mensen, de familie, dingen die we niet altijd even leuk vonden. Gewoon, zoals dat tussen ons ging.


En ik mis de kerstboom die we over een paar maanden weer zouden gaan kopen. Die we samen zouden optuigen met al die oude versieringen uit 1940. Van dat doosje heb ik nog een klein deel bewaard. Misschien hang ik ze dit jaar wel in mijn eigen kunstboom. Die ik al ergens in November vaak opzet. Wat volgens jou toch écht niet hoorde. Zowel het woord "kunstboom" niet, als November niet. En wat ik dus tóch deed, omdat het kan.....


Ik mis mijn wortels.

En het stomme is: ik zie nu pas hoeveel ik die mis. Dat besef was er niet zo toen je er nog was. Ik heb me nooit echt kunnen voorstellen hoe het zou zijn als jij er niet meer was. Hoeveel er dan weg zou vallen. Niet alleen jij, maar ook mijn geschiedenis. Mijn thuis.

Ik mis zelfs dat ik altijd tijd tekort kwam en dat daar dan ook nog jouw soms veeleisende vragen en telefoontjes tussendoor kwamen. Wanneer ik nou toch weer eens langskwam?


Ik mis het, mam.


Vandaag hebben we jou herdacht

Samen met mijn broer heb ik het graf van jou en papa weer mooi gemaakt. Als een klein tuintje, in de kleuren waar jij van hield, een beetje aangepast aan de herfst. We hebben bolletjes geplant voor het voorjaar. Jouw sneeuwklokjes. Net als in de voortuin van ons ouderlijk huis.


Ik heb heerlijk met mijn gelakte nagels (nu met rouwranden) in de regen, in de aarde zitten wroeten en aan jou gedacht. We hebben een grafkaarsje neergezet. Zo'n lelijk ding, met een gouden dekseltje. Maar wel eentje die hopelijk flink blijft branden.


We lieten het graf achter met dat kleine lichtje.

Dat lichtje maakt me ook blij. Voor alle jaren dat je er was. Voor alles wat je me hebt meegegeven, ook voor de dingen waar ik me aan ergerde. Misschien juist ook daarvoor. Want dat was jij. En dat was onze relatie. Vaak leuk, veel uitjes, maar ook niet altijd makkelijk, niet altijd gezellig, maar wel van ons.


Wat ik lastig vind, is dat ik nog niet af was met jou. Want als ik straks weer een stukje verder ben, had ik je dat zo graag willen laten zien. Dan had ik misschien met meer humor gereageerd op sommige van je opmerkingen. Misschien had ik erom gelachen in plaats van me eraan te ergeren. Misschien had ik sommige dingen beter kunnen laten gaan.


Dat blijft een beetje steken. Dat we niet meer samen verder kunnen groeien. Dat er geen nieuwe gesprekken meer komen, geen nieuwe herinneringen, geen nieuwe momenten waarop ik denk: mam, moet je nou toch eens horen.


Maar steeds weer hoop ik: Misschien zie je me. Misschien hoor je me. En daar houd ik me aan vast!

Opmerkingen


bottom of page